De Volkskrant: van katholiek vakbondskrant tot kwaliteitskrant
De Volkskrant verscheen voor het eerst op 2 oktober 1919 als weekblad van de katholieke arbeidersbeweging. Iedere donderdag viel het blad bij de abonnees op mat. Nog geen half jaar later, vanaf 14 januari 1920, werd De Volkskrant om de dag uitgegeven. Na twee jaar besloot de redactie om de krant dagelijks uit te geven.
Ruim veertig jaar was De Volkskrant alleen gericht op de rooms-katholieke zuil. De krant behoorde tot een van de belangrijkste Nederlandse dagbladen en had een oplage van 109.000. Na de Tweede Wereldoorlog besloot de redactie zich te gaan richten op een breder publiek. Echter, de krant bleef gericht op de katholieke ethiek en politiek.
Grote ontwikkelingen
Pas in de jaren zestig verloor De Volkskrant haar katholieke karakter volledig. In 1964 kreeg het dagblad steeds meer een progressief karakter en trok daardoor veel jonge lezers aan. De nieuwe toon van de krant werd door sommigen als negatief ervaren. Al snel kreeg De Volkskrant de bijnaam ‘De Azijnbode’. Een jaar later, op 25 september 1965, verdween de ondertitel ‘Katholiek dagblad voor Nederland’ van het dagblad. Diezelfde dag verhuisde de krant naar een nieuw onderkomen recht tegenover Het Parool.
Door de ontwikkelingen nauwlettend te volgen, kritisch te zijn en meer te richten op financieel-economisch en sportnieuws groeide zowel het aantal medewerkers als het aantal lezers enorm. In 1970 had De Volkskrant dan ook al meer dan 200.000 abonnees.
De hoofdredacteuren
Onder leiding van hoofdredacteur Harry Lockefeer vonden in de jaren tachtig weer grote vernieuwingen bij De Volkskrant plaats. Naast dat de krant meer katernen kreeg, waaronder ‘Het vervolg’, ‘Reizen’ en ‘Boeken’. De zaterdagkrant – van meer dan honderd pagina’s - kreeg acht katernen.
In 1995 nam Pieter Broertjes het stokje over van Lockefeer, die een aanstelling kreeg bij de Rijksuniversiteit Groningen. De oplage begon te dalen. Op 1 juli 2010 besloot Broertjes zijn functie bij De Volkskrant dan ook neer te leggen. Zijn opvolger, Philippe Remarque, is tot op de dag van vandaag de hoofdredacteur.